Zorgen over de knellende regelgeving in de gewasbescherming aardappelteelt

Laatst ben ik met collega Aukje de Vries op werkbezoek geweest bij HZPC. Een mooi innovatief bedrijf wat zich bezig houdt met aardappelveredeling, pootgoedverkoop en productontwikkeling. Een bedrijf wat een belangrijke rol heeft in de wereldvoedselvoorziening. Voldoende voedsel voor iedereen is daarin een van de belangrijkste uitdagingen. Tijdens ons werkbezoek hebben we een aantal zorgen van dit bedrijf besproken. De knellende regelgeving was een van de zorgen. Het bedrijf en de aardappeltelers ervaren steeds meer belemmeringen om de gewassen, in dit geval de aardappel, te beschermen tegen onheil van buiten. Natuurlijk willen dit bedrijf en de boeren minder gewasbeschermingsmiddelen gebruiken maar dan moeten er wel alternatieven beschikbaar zijn om de gewassen te kunnen beschermen tegen onheil van buiten, zoals ziekten en plagen. Net als wij kunnen aardappelen ook ziek worden of besmet raken met een virus. Je moet dan kunnen handelen anders gaat het gewas verloren. En andere methoden om gewassen weerbaarder te maken tegen ziekten en plagen is door  middel van veredeling nieuwe rassen ontwikkelen. Maar ook die deur wordt dichtgehouden in Europa. Schrijnend om te constateren dat dit bedrijf de keuze moet maken om een deel van het bedrijf naar het buitenland te verplaatsen. Hiermee gaat Nederlandse kennis, kunde en banen verloren. We klimmen maar weer in de pen om de minister op te roepen over te gaan tot actie.

Schriftelijke vragen van de leden Lodders en Aukje de Vries (beide VVD) aan de minister van Landbouw Natuur en Voedselveiligheid  naar aanleiding van een werkbezoek aan het bedrijf HZPC in Joure en het artikel ‘HZPC verplaatst aardappelonderzoek naar Canada’[1].

   

1. Bent u bekend met het bericht ‘HZPC verplaatst aardappelonderzoek naar Canada?

 

2. Wat vindt u van deze ontwikkeling?

 

3. Bent u op de hoogte van de belemmeringen die bedrijven als HZPC ervaren in de strenge regelgeving zowel op het vlak van veredeling als op andere vlakken? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke stappen zet u nog dit jaar om een oplossing te bieden aan de zorgen van de sector?

 

4. Bent u op de hoogte van soortgelijke ontwikkelingen en zorgen in andere sectoren? Zo ja, welke zijn dit en welke stappen gaat u op dat vlak zetten?

 

5. Bent u zich bewust van het feit dat u de lat steeds hoger legt bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen maar tegelijkertijd alternatieven in gewasbescherming (de trage toelating van groene en laagrisicomiddelen) en uitbreiding in veredelingstechnieken uitblijven? Deelt u de mening dat er concrete stappen nodig zijn om te voorkomen dat meerdere bedrijven dit voorbeeld volgen?

 

 6. Realiseert u zich dat met het uitblijven van alternatieven zoals genoemd in vraag 5 de sector steeds meer risico loopt op problemen bij teelt, oogst en het bewaren van aardappelen? Zo nee, hoe komt het dat u signalen niet herkent? Zo ja, wat gaat u doen het genoemde  risico te verminderen in de aardappelteelt en ook andere teelten?

 

7. Wat vindt u van het geschetste risico dat veredelaars in de VS en Canada aardappelen kweken die volledig resistent zijn tegen phytophthora, en dat deze landen de pootgoedmarkten in Afrika en Azië langzaam van Europa zullen overnemen? Vindt u dit een wenselijke ontwikkeling van de plantaardige sector?

 

8. Kunt u een overzicht geven van de huidige exportwaarde van de Nederlandse pootgoedsector? En deelt u de analyse dat als Nederland geen concrete stappen zet het verlies van export zeer nadelig is voor de Nederlandse pootgoedteler en de mensen die in de branche of veredelingssector werken? Wat vindt u hiervan?

 

9. Kunt u aangeven hoeveel mensen (fte) binnen de NVWA bezighouden met de plantaardige sector? Graag een overzicht per onderdeel (van beleid tot risicobeoordeling tot handhaving)? Wat zijn de risico’s van deze beperkte capaciteit? Waarom heeft u deze keuze gemaakt? Vindt u dit een evenredige verdeling van de beschikbare capaciteit?