Vragen over ANBI-instellingen die de belastingregels niet naleven

In Nederland hebben duizenden instellingen en stichtingen een ANBI-status. Een ANBI-status kan worden verstrekt aan een goed doel. Met een ANBI-status krijgen instellingen of stichtingen bepaalde belastingvoordelen. Om de ANBI-status te krijgen moeten instellingen of stichtingen aan verschillende eisen voldoen. Over de eisen en de controle van de Belastingdienst op deze eisen heb ik veel vragen. De eisen zijn abstract en niet goed te definiëren. De VVD wil voorkomen dat ook goede doelen die volgens de Nederlandse maatstaven helemaal geen goed doel nastreven de ANBI-status krijgen. Daarnaast blijken veel ANBI-instellingen de eisen niet na te leven, maar wordt dit onvoldoende gecontroleerd door de Belastingdienst. Hieronder de vragen die ik heb gesteld aan de minister van Financiën.

 

Schriftelijke vragen van de het lid Lodders (VVD) aan de minister van Financiën over het bericht dat ANBI’s belastingregels niet naleven.

 

  1. Bent u bekend met de verschillende berichtgeving in Trouw[1], de Groene Amsterdammer[2] en Pointer[3] over het niet naleven van belastingregels door instellingen met een ANBI-status?

  2. Hoeveel ANBI-instellingen zijn er in Nederland (graag een jaarlijkse weergave over de afgelopen 10 jaar)?

  3. Hoeveel ANBI-instellingen zijn er jaarlijks in deze 10 jaar daadwerkelijk bekeken en gecontroleerd door de Belastingdienst en op welke manier vindt controle plaats?

  4. Zijn alle stichtingen en organisaties met een ANBI-status opgenomen in het ANBI-register van de Belastingdienst? Zo nee, waarom niet?

  5. Welke belastingvoordelen kan een instelling met een ANBI-status krijgen (graag een uitputtende lijst) en hoeveel heeft dit de Nederlandse schatkist de afgelopen 10 jaar (uitgesplitst per jaar) gekost?

  6. Aan welke eisen moet een ANBI-instelling voldoen?

  7. Wat is de definitie van de eis ‘algemeen nut’? Deelt u de mening dat het begrip abstract en niet goed te controleren is en daarmee fraude in de hand werkt? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?

  8. In artikel 5B van de Algemene wet inzake rijksbelasting[4] worden 13 verschillende categorieën beschouwd als algemeen nut; kunt u een toelichting geven op de verschillende categorieën? Klopt het dat de verschillende categorieën niet gedefinieerd zijn, maar dat dit wordt ingevuld door de jurisprudentie? Graag een toelichting hierop.

  9. Hoe behandelt de Belastingdienst een ANBI aanvraag van een organisatie of instelling waarbij een categorie van algemeen nut botst en contrair is aan een andere categorie?

  10. Deelt u de mening dat de eisen gedateerd zijn gezien de veelvuldigheid aan stichtingen en instellingen die de ANBI-status hebben, maar waarvan niet duidelijk is welke relatie er met het goede doel is? Zo ja, bent u dan voornemens om de eisen te evalueren en waar nodig en in overleg met de Kamer, aan te passen? Zo nee, waarom niet?

  11. Hoeveel ANBI-instellingen hebben niet voldaan aan de eisen (uitsplitsing per jaar over de afgelopen 10 jaar)?

  12. Aan welke van de eisen kunnen ANBI-instellingen veelal niet voldoen?

  13. Wat zijn de consequenties als een ANBI-instelling niet heeft voldaan aan de eisen, zowel voor de Belastingdienst als voor de ANBI-instelling zelf?

  14. Hoeveel organisaties en stichtingen en uit welke sectoren hebben de afgelopen 10 jaar de ANBI status aangevraagd (uitgesplitst per jaar)?

  15. Hoeveel van deze aanvragen zijn toegekend en hoeveel zijn, om welke redenen, afgewezen?

  16. Kunt u een toelichting geven op het proces dat een organisatie of stichting moet doorlopen voordat het de ANBI status krijgt?

  17. Kan een organisatie of stichting op basis van alleen het formulier Aanvraag beschikking Algemeen nut beogende instelling al een ANBI-status krijgen of voert de Belastingdienst zelf ook nog controles uit c.q. moet de aanvrager een uitgebreider traject doorlopen?

  18. Op welke manier kan een aanvrager bezwaar maken tegen de afwijzing? In welke gevallen heeft bezwaar geleidt tot een ander oordeel?

  19. Krijgt een organisatie of stichting die is afgewezen voor een ANBI-status te horen op welke aspecten of voorwaarden de organisatie of stichting geen ANBI-status heeft verkregen? Zo nee, waarom niet?

  20. Al sinds eind 2016 is bekend dat er geen sluitende controle is op instellingen met een ANBI-status; welke stappen zijn er gezet om de controle sluitend te maken en waarom is dit nog steeds niet gelukt?

  21. Welke route moet de Belastingdienst doorlopen voordat een ANBI-status daadwerkelijk is ingetrokken?

  22. Deelt u de mening dat het innemen van een ANBI-status gemakkelijker zou moeten? Zo ja, hoe wilt u dit waarborgen? Zo nee, waarom niet?

  23. Moeten buitenlandse instellingen voor een ANBI-status voldoen aan extra verplichte eisen? Zo ja, welke? Zo nee, waarom niet?

  24. Hoeveel buitenlandse ANBI-instellingen zijn er?

  25. Hoe worden buitenlandse instellingen met de Nederlandse ANBI-status gecontroleerd, gezien de conclusie uit het evaluatierapport van de Belastingdienst uit 2016 waarin staat dat ‘het toezicht op geldstromen praktisch gezien ophoud bij de grens’?

  26. Waarom komen sportverenigingen niet in aanmerking voor een ANBI-status?

  27. Deelt u de mening dat juist vanwege de bijdrage die sportverenigingen hebben voor de samenleving een ANBI-status voor sportverenigingen mogelijk moet zijn? Zo ja, op welke manier gaat u het ook voor sportverenigingen mogelijk maken om een ANBI-status aan te vragen? Zo nee, waarom niet?

  28. Is u streven nog steeds om de wetswijziging eerste kwartaal 2020 naar de Kamer te sturen en als ingangsdatum 1 januari 2021 aan te houden (Kamerstuk 35026, nr.67)? 

  29. Is onderdeel van deze wetswijziging de aanpassing van de integriteitseis met betrekking tot de VOG-systematiek zoals aangekondigd in Kamerstuk 35026-67 naar aanleiding van de aangenomen motie Omtzigt/Lodders (Kamerstuk 34785, nr. 92)? Zo nee, waarom niet?

  30. Kunt u de vragen één voor één beantwoorden?